|

Rogier van der Weyden 15de Eeuw
Maria Magdalena leest de Schrift
De Magdalena’s die van der Weyden schildert zijn altijd
voorname dames. En een boek is een kostbaar bezit. Rond de tijd dat hij
dit werk schilderde, kwam de boekdrukkunst op. Lang niet iedereen kon
zich een eigen boek veroorloven, maar Maria Magdalena heeft er hier een.
Dit exemplaar ligt op een beschermend stukje stof. Het heeft een lintje
om een bladzijde te markeren.
Ze leest zeer aandachtig.
Wat zal ze aan het lezen zijn? Wat anders dan de Heilige Schrift? Dat
was een van de eerste boeken die voor drukken in aanmerking kwamen. Het
Nieuwe Testament is in de tijd dat Magdalena leefde er nog niet in
opgenomen, het was zelfs nog in de maak, en zijzelf speelde er een rol
in. Wat Maria hier probeert te achterhalen is het werk van God op de
achtergrond van het mensenbestaan.
De figuur vóór haar – deze schildering is ons overgebleven nadat het
totale werk in drie stukken is gesneden – de figuur in het rood- bidt in
geknielde houding, de persoon naast haar prevelt mondgebed, maar Maria’s
gebed is beschouwend. Ze voelt ontroering wanneer ze leest over de
Gezalfde van Jahweh. Net als Johannes de evangelist kan zij van zichzelf
zeggen:
Wat er was vanaf het begin, wat wij gehoord hebben, wat
wij met eigen ogen gezien en aanschouwd hebben, wat onze handen hebben
aangeraakt, dat verkondigen wij: het Woord dat leven is. Het leven is
verschenen, wij hebben het gezien en getuigen ervan, we verkondigen u
het eeuwige leven dat bij de Vader was en aan ons verschenen is. Wat wij
gezien en gehoord hebben, verkondigen we ook aan u, opdat ook u met ons
verbonden bent. En verbonden zijn met ons is verbonden zijn met de Vader
en met zijn Zoon Jezus Christus.
Nadat
Jezus is heengegaan, zal Maria Magdalena telkens en telkens weer
teruggaan naar de Schriften om haar hart te voeden. Maria Magdalena is
een lezeres bij uitstek van de Heiige Schrift.
|